Selecteer een pagina

Glansgraad van verf: welke soort in welke ruimte thuishoort

Glansgraad van verf: welke soort in welke ruimte thuishoort

Op een blik verf staat naast de kleur nog een tweede eigenschap die minstens zo bepalend is voor het eindresultaat: de glansgraad. Mat, zijdemat, zijdeglans, hoogglans. Wie in de bouwmarkt staat, kiest die meestal op gevoel of neemt wat de vorige keer ook meeging. Dat is jammer, want de glansgraad bepaalt niet alleen hoe een muur eruitziet, maar ook hoeveel oneffenheden er zichtbaar worden en of je de boel over twee jaar nog schoon krijgt.

Wat glansgraad eigenlijk meet

De glansgraad is een meetwaarde: het percentage licht dat een verflaag terugkaatst, gemeten onder een vaste hoek. Hoe hoger dat percentage, hoe spiegelender het oppervlak. Dat maakt het meteen begrijpelijk waarom glans en oneffenheid slecht samengaan. Een spiegelend oppervlak geeft elk bobbeltje, elke slecht geschuurde plamuurplek en elke gipsplaatnaad terug in de vorm van een lichtvlek. Een mat oppervlak verstrooit het licht en slikt die fouten grotendeels in.

AanduidingGlobale reflectieWat het doet met de ondergrondReinigbaarheid
MatOngeveer 5 tot 10 procentVerbergt oneffenheden het best, geeft een diepe kleurBeperkt, vlekken laten zich lastig wegpoetsen
ZijdematOngeveer 10 tot 35 procentNog steeds vergevingsgezind, iets levendiger oppervlakRedelijk, licht afneembaar met een vochtige doek
ZijdeglansOngeveer 35 tot 60 procentLaat golvingen in de ondergrond duidelijk zienGoed, bestand tegen regelmatig schoonmaken
Hoogglans80 procent en hogerToont alles, vraagt een vlakke en goed geschuurde ondergrondZeer goed, ook tegen schuurmiddel

Die getallen verschillen per fabrikant, en de aanduidingen ook. De ene merkt zijn zijdeglans aan als satijn, de andere als parelglans. Als het precies moet kloppen, is het percentage op de technische fiche leidend en niet het woord op het blik.

Welke glansgraad waar op zijn plek is

Plek in huisMeestal de beste keuzeWaarom
PlafondMat, en dan echt volledig matStrijklicht van ramen en lampen legt op een plafond genadeloos elke onvlakheid bloot
Muren woonkamer en slaapkamerMat of zijdematRustig beeld, en de kleur komt dieper over
Muren keukenZijdemat of zijdeglansVetaanslag en spatten moeten eraf kunnen
Muren badkamer en toiletZijdemat, in een vochtbestendige uitvoeringVocht en schoonmaakbaarheid wegen hier zwaarder dan uitstraling
Muren hal en trapgangZijdematHanden, tassen en fietsen komen er langs
Binnendeuren en kozijnenZijdeglans of hoogglansHier wordt aangeraakt en schoongemaakt, en de ondergrond is vlak
Plinten en radiatorombouwZijdeglansStofvrij te houden zonder dat elke stofzuigerstoot zichtbaar blijft
BuitenkozijnenZijdeglans of hoogglansEen gesloten, glanzende laag houdt vuil en vocht beter buiten

De uitzondering die we vaak tegenkomen, is een woonkamer met een lange muur die veel strijklicht vangt. Dat is de klassieke situatie waarin mensen voor zijdemat kiezen omdat het makkelijker schoon te maken is, en vervolgens elke onregelmatigheid in het stucwerk zien zodra de zon in de middag draait. Op zo’n muur is mat bijna altijd de betere keuze, ook als er kinderen in huis zijn. Een mat vlak dat je om de vier jaar overschildert, ziet er langer beter uit dan een glanzend vlak waar het licht doorheen speelt.

Muurverf en lakverf zijn twee verschillende dingen

Glansgraad staat los van het type verf, maar in de praktijk lopen ze samen op. Muurverf, meestal op basis van acrylaat of latex, is bedoeld voor poreuze ondergronden als stucwerk en behang en zit in de matte tot zijdematte hoek. Lakverf is bedoeld voor hout en metaal, hecht op een gladde ondergrond en bestaat vooral in zijdeglans en hoogglans. Muurverf op een deur zetten omdat de kleur zo mooi was, gaat gegarandeerd mis: de laag blijft zacht en beschadigt bij het eerste contact.

Bij lak speelt daarnaast de keuze tussen watergedragen en op basis van terpentine. Watergedragen lak vergeelt minder, ruikt minder en het gereedschap gaat onder de kraan schoon. Terpentinegedragen lak vloeit iets mooier uit en geeft een harder eindresultaat, wat op zwaar belaste onderdelen nog steeds het verschil kan maken. Voor buitenwerk speelt bovendien kleurvastheid, en daar gaat het artikel over verf voor buiten met kleurvaste eigenschappen dieper op in. Wat de verschillende productlijnen binnen één merk aan glansgraden bieden, is te zien in het overzicht over verf voor elke schilderklus.

Licht bepaalt mee wat je ziet

Een glansgraad die in de winkel prima leek, kan thuis heel anders uitpakken, en dat komt zelden door de kleur. Het komt door de lichtbron. Onder warm licht van rond de 2700 kelvin ogen matte vlakken zachter en verdwijnen kleine oneffenheden. Onder koeler licht van 4000 kelvin en hoger, en zeker onder inbouwspots die het licht van boven langs de muur laten scheren, komt elke overgang terug. Wie een muur strak wil hebben, doet er verstandig aan de verlichting mee te wegen in de keuze, en niet alleen de kleurstaal. Welke lichtkleur in welke ruimte hoort, staat uitgewerkt in het stuk over lampfittingen en lichtkleur.

Voorbereiding weegt zwaarder naarmate de glans hoger is

Er is een vuistregel die goed werkt: hoe hoger de glansgraad, hoe meer tijd je vooraf in schuren en plamuren steekt. Bij mat kom je weg met een globale beurt. Bij zijdeglans moet de ondergrond echt vlak zijn. Bij hoogglans op een deur schuur je tussen elke laag door met een fijne korrel, stof je grondig af en werk je in één richting af. Wie die tijd niet heeft, kiest een lagere glansgraad. Dat is geen concessie maar een verstandige keuze, want een matte deur die er netjes uitziet, is prettiger dan een hoogglanzende deur waarin je bij elke zonnestraal het schuurwerk terugziet.

Reken vooraf uit hoeveel je nodig hebt

Op elk blik staat een opbrengst per liter, meestal ergens tussen de acht en twaalf vierkante meter. Dat getal geldt voor één laag op een goed voorbehandelde ondergrond, en bijna nooit voor de eerste laag op kaal stucwerk of op een sterk afwijkende kleur. Meet de lengte maal de hoogte van elke wand, tel dat op, trek ramen en deuren er niet vanaf als ze klein zijn, en reken op twee lagen. Kom je dan net onder een hele verpakking uit, koop dan toch de grotere: bijmengen van dezelfde kleur uit een ander blik geeft bij matte verf een zichtbare aanzet, zeker op een lange muur die je in één keer moet doorschilderen.

Verf en het bijbehorende schuur- en plakmateriaal koop je bij bouwmarkten als Gamma, Praxis, Karwei en Hornbach, en bij de verfspeciaalzaken die in vrijwel elke stad zitten. Dat laatste adres is duurder maar levert wel advies op maat en kan de kleur in de door jou gekozen glansgraad mengen, ook als die combinatie niet standaard op het schap staat. Neem in beide gevallen een foto van de ruimte en van de lichtinval mee, want dat levert een beter gesprek op dan een kleurnummer op een briefje.

Geschreven door: De Woningbox