Selecteer een pagina

Ventileren in het stookseizoen: wat er wel en niet klopt

Ventilatierooster boven een raam in een woonkamer op een koude ochtend

Zodra de verwarming weer aangaat, gaan in veel huizen ook de roosters dicht. Begrijpelijk, want koude lucht binnenlaten terwijl je aan het stoken bent voelt als geld weggooien. Toch is dat precies het moment waarop de meeste vochtproblemen ontstaan: beslagen ramen, muffe slaapkamers, zwarte stipjes in de hoek achter de kast.

Over ventileren doen hardnekkige verhalen de ronde, en een deel daarvan klopt half. Hieronder zetten we de bekendste uitspraken naast wat er werkelijk in huis gebeurt.

“Ventileren is zonde van de warmte”

Wat er werkelijk gebeurt: de warmte die je kwijtraakt zit vooral in de muren, het glas en de spullen in huis, en niet in de lucht zelf. Lucht heeft een lage warmtecapaciteit en warmt razendsnel weer op. Vervang je in tien minuten de lucht in een kamer, dan zijn de vloer, de bank en de wanden nog gewoon warm, en is de nieuwe lucht binnen een kwartier op temperatuur.

Wat wél geld kost, is vochtige lucht verwarmen. Een gezin brengt door douchen, koken, wassen, ademen en planten ruwweg tien liter water per dag in huis. Vochtige lucht voelt kouder aan, waardoor mensen de thermostaat hoger zetten, en dat kost pas echt iets. Droge lucht verwarmen is goedkoper dan natte lucht verwarmen, en dat maakt ventileren in de winter eerder een besparing dan een verspilling.

“Als ik de roosters dicht doe, houd ik de warmte binnen”

Wat er werkelijk gebeurt: je houdt vooral het vocht binnen. In een goed geïsoleerde woning is het rooster boven het raam vaak de enige geplande toevoer van verse lucht die er nog is. Kierdichting, nieuwe kozijnen en isolatie hebben de toevallige lekken uit huis gehaald, en dat is bij een verbouwing zelden iets waar iemand bij stilstaat. Wie de schil dichter maakt, moet de ventilatie juist bewuster regelen. Dat verband komt ook terug bij het beter isoleren van een woning, waar het rendement van de isolatie afhangt van wat je daarna met de luchttoevoer doet.

Bijkomend probleem: een cv-ketel, geiser of open haard die zijn verbrandingslucht uit de kamer haalt, heeft die toevoer nodig. Zit alles potdicht, dan wordt dat een veiligheidskwestie in plaats van een comfortkwestie.

“Een raam de hele dag op een kier is goed ventileren”

Wat er werkelijk gebeurt: dat is de duurste variant met het minste effect. Een kiepraam dat uren openstaat, koelt vooral de muur rondom het kozijn af, en juist op dat koude oppervlak slaat vocht neer. Veel korter en veel harder werkt beter: twee ramen aan verschillende kanten van de woning vijf tot tien minuten helemaal open, zodat er dwarsdoorstroming ontstaat. In die tijd is de lucht ververst en zijn de muren nauwelijks afgekoeld.

Doe dat het liefst na het douchen, tijdens en na het koken, en één keer aan het begin van de dag in de slaapkamer. De rest van de tijd doen de roosters en het mechanische systeem het werk. Milieu Centraal beschrijft die combinatie van doorlopend ventileren en kort luchten als de manier waarop een woning droog blijft zonder dat het stookgedrag ontspoort.

“Ik ruik niets, dus de lucht is goed”

Wat er werkelijk gebeurt: je reukvermogen went binnen enkele minuten aan de ruimte waarin je zit. Daarom valt een muffe slaapkamer je ’s ochtends wel op als je van beneden komt, en niet als je er zelf de hele nacht in hebt gelegen. De ophoping van CO2 die daarbij hoort, ruik je helemaal niet.

Wie het objectief wil weten, hangt voor een paar tientjes een CO2-meter op. Buitenlucht zit rond de 420 ppm, en boven de 1200 ppm merken de meeste mensen dat het benauwd wordt. Wat ons betreft is dat een van de weinige gadgets in huis die zichzelf terugverdient, simpelweg omdat je erdoor gaat luchten op de momenten dat het nodig is in plaats van op gevoel.

“De afzuigkap zorgt voor de keuken”

Wat er werkelijk gebeurt: dat hangt volledig af van het type. Een recirculatiekap zuigt de lucht aan, haalt er met een koolstoffilter een deel van de geur uit en blaast diezelfde lucht weer de keuken in. Vet en geur worden minder, maar het vocht van een pan kokende aardappelen blijft gewoon binnen. Alleen een kap met een afvoer naar buiten haalt dat vocht echt weg.

Heb je een recirculatiekap, zet dan tijdens het koken een raam open of het rooster in de hoogste stand. En vervang dat koolstoffilter volgens de opgave van de fabrikant, want een verzadigd filter doet niets meer dan geluid maken.

“Na het douchen zet ik de badkamerdeur open, dan trekt het weg”

Wat er werkelijk gebeurt: het vocht trekt inderdaad weg, maar de verkeerde kant op. De warme, natte lucht verplaatst zich naar de koudste ruimtes in huis, en dat is meestal de slaapkamer of de hal. Daar koelt hij af en slaat het vocht neer op het koudste oppervlak dat hij tegenkomt, vaak de buitenmuur achter een kast.

Beter is het omgekeerde: deur dicht, mechanische afzuiging aan of het raampje open, en pas openzetten als de spiegel weer helder is. Trek na het douchen ook even een trekker over de wanden. Dat scheelt een paar honderd milliliter water die anders in de lucht terechtkomt.

“Een luchtontvochtiger lost het op”

Wat er werkelijk gebeurt: een ontvochtiger haalt water uit de lucht, en dat werkt. Hij haalt alleen geen CO2 weg, geen kookluchtjes en geen stoffen die uit meubels en schoonmaakmiddelen vrijkomen. Als noodgreep in een kelder of tijdens een verbouwing is zo’n apparaat prima. Als vervanging voor verse lucht is het dat niet, en het kost bovendien stroom terwijl een openstaand raam gratis is.

Wat er dan wel te doen valt

Het komt neer op drie dingen. Laat de basisventilatie het hele jaar door draaien, ook in januari: roosters open, mechanische afzuiging op de laagste stand in plaats van uit. Lucht daarnaast twee keer per dag kort en stevig, met tegenover elkaar liggende ramen. En houd het vocht bij de bron weg door de deur van de badkamer dicht te houden, deksels op de pannen te doen en de was zo min mogelijk binnen te drogen. Eén wasmachine vol natte was die in de woonkamer hangt, brengt daar al gauw twee liter water in.

Draait er een mechanisch systeem, controleer dan een keer per half jaar de filters en de ventielen in het plafond. Verstopte filters zijn de meest voorkomende reden dat mensen denken dat hun ventilatie niet werkt, terwijl het apparaat gewoon zijn best staat te doen. Waar temperatuur, vocht en luchtkwaliteit samenkomen, hebben we eerder beschreven in het stuk over comfortabel wonen met een prettig binnenklimaat, en welke stand op de thermostaat daar logisch bij hoort staat in wat een fijne temperatuur in huis is.

Wat ons betreft is de belangrijkste omslag deze: ventileren is geen tegenstander van je verwarming, maar de voorwaarde waaronder die verwarming zijn werk kan doen. Een droog huis van negentien graden voelt aangenamer dan een klam huis van eenentwintig, en het is bovendien goedkoper.

Geschreven door: De Woningbox