Selecteer een pagina

Een doorlopende vloer naar de aanbouw? Begin bij de juiste ondergrond

Woonkamer met doorlopende vloer naar de aanbouw

Na een aanbouw ontstaat vaak één grote leefruimte waarin keuken, eetkamer en woonkamer in elkaar overlopen. Een doorlopende vloer kan dat ruimtelijke effect versterken. Onder dat ene zichtbare oppervlak liggen echter vaak twee verschillende bouwsituaties: de bestaande vloer van de woning en de nieuw opgebouwde vloer van de aanbouw. Voordat dezelfde afwerking over beide delen kan worden aangebracht, moeten ondergrond, hoogte en aansluitingen technisch op elkaar zijn afgestemd.

Eén zichtvloer kan op twee verschillende ondergronden liggen

De overgang tussen oud en nieuw verdwijnt straks misschien uit het zicht, maar bouwkundig blijft het verschil bestaan. In de bestaande woning kan een oudere cementdekvloer liggen, eventueel met tegels, lijmresten, reparaties of eerdere egalisatielagen. De aanbouw heeft meestal een recent aangebrachte vloeropbouw die nog nauwelijks is belast.

Beide delen moeten daarom afzonderlijk worden beoordeeld. Vlakheid is daarbij slechts één aandachtspunt. Ook stabiliteit, draagkracht, vocht en de hechting van bestaande lagen spelen een rol. Een ondergrond die er netjes uitziet, is niet automatisch geschikt om zonder verdere voorbereiding onder een dunne afwerkvloer te verdwijnen.

Los hoogteverschillen op voordat de zichtvloer komt

Een verschil van enkele millimeters tussen woning en aanbouw lijkt tijdens de ruwbouw misschien klein. Bij deuren, dorpels, plinten en aansluitende vloeren kan zo’n verschil later wel degelijk problemen geven. Een dunne afwerkvloer is bovendien niet bedoeld om grote niveauverschillen tussen twee bouwdelen te corrigeren.

Meet daarom niet alleen ergens midden in de kamer. Controleer juist de overgang op de plek van de voormalige buitengevel, de schuifpui en aansluitingen met bijvoorbeeld hal of bijkeuken. Houd daarbij rekening met alle lagen die nog worden toegevoegd, zoals primer, reparatie- of egalisatielagen en de uiteindelijke vloer. Zo kan vooraf worden bepaald welk vloerniveau nodig is om ongewenste opstapjes of klemmende deuren te voorkomen.

Een nieuwe dekvloer is niet direct klaar voor afwerking

Oud en nieuw bevinden zich vaak ook in een andere technische fase. Een bestaande dekvloer ligt er al jaren, terwijl een nieuwe cement- of anhydrietdekvloer in de aanbouw eerst voldoende moet uitharden en drogen voordat verdere afwerking mogelijk is. Alleen rekenen vanaf de dag waarop de dekvloer is aangebracht geeft daarbij onvoldoende zekerheid. De toestand van de ondergrond moet daadwerkelijk geschikt zijn voor het gekozen vloersysteem.

In het bestaande gedeelte spelen weer andere vragen. Liggen oude tegels nog stevig vast? Zijn aanwezige scheuren stabiel? Zitten er lijm- of coatingresten die de hechting kunnen beïnvloeden? Het kan daardoor logisch zijn dat beide delen uiteindelijk dezelfde zichtvloer krijgen, maar vooraf een andere behandeling nodig hebben.

De overgang tussen oud en nieuw kan blijven bewegen

Extra aandacht is nodig op de plek waar de oorspronkelijke woning en de aanbouw samenkomen. Daar kunnen voegen of constructieve bewegingen aanwezig zijn. Zo’n aansluiting zomaar dichtzetten omdat één strak vloerbeeld gewenst is, kan problemen later juist zichtbaar maken in de afwerking.

Egaliseren maakt een oppervlak vlakker, maar stopt geen beweging in de constructie. Daarom moet eerst duidelijk zijn welke functie een aanwezige voeg of overgang heeft en hoe het gekozen vloersysteem daarmee omgaat. Dat geldt ook wanneer beide delen een andere dekvloer of een verschillend systeem voor vloerverwarming hebben.

Pas daarna komt de keuze voor de doorlopende vloer

Wanneer peil, stabiliteit, vochtconditie en aansluitdetails kloppen, kan een naadloze afwerking beide delen visueel met elkaar verbinden. lavasteen gietvloeren zijn bijvoorbeeld dunne, meerlaagse vloersystemen die op een geschikte en voorbereide basis worden aangebracht. Juist door de beperkte laagopbouw moeten grotere hoogteverschillen, losse delen en andere gebreken vooraf worden opgelost.

De praktische volgorde loopt daarom van onder naar boven. Controleer eerst de bestaande en nieuwe vloerconstructie, bepaal vervolgens de gewenste hoogte en beoordeel dekvloeren, voegen en eventuele vloerverwarming. Daarna kan de benodigde voorbereiding worden uitgevoerd en volgt pas de zichtvloer. Zo ontstaat niet alleen optisch één vloer tussen woning en aanbouw, maar ook een afwerking die technisch aansluit op beide bouwdelen.

Geschreven door: De Woningbox